6 min read

Architectuur zonder vieze handen wordt uiteindelijk theorie

Table of Contents

Wat was het warm deze zomer van 2026. Na een paar dagen van 36 graden was de maat wel vol. De woonkamer veranderde langzaam in een kas en met een blik op de winter en met de huidige gasprijzen begon een airco/warmtepomp ineens ook interessant te worden.

Dus ging ik op zoek naar een airco die ook kan verwarmen. Twee dagen later stond er een cassette-airco van 8 kW in mijn gang samen met een mopperende bezorger die met zijn vrachtauto de binnenstad niet in mocht.

En natuurlijk wilde ik hem zelf installeren.

Niet omdat ik installateur ben. Dat ben ik niet. Sterker nog, het afpersen en vullen met R32 mag ik niet eens doen. Dat hoort ook zo. Maar ik wilde wel zelf ervaren waar een monteur in de praktijk tegenaan loopt.

Je kunt duizend YouTube-filmpjes kijken, maar pas als je met een rolsteiger onder een schuin dak van 5 meter staat, ontdek je dat die mooie tekening ineens een stuk minder mooi is.

Die draagbalk zit nét verkeerd. De condensafvoer wil precies de verkeerde kant op. Je hebt ineens veel minder ruimte dan je dacht.

En dan sta je een half uur naar een plafond te kijken.

Niet omdat je het niet weet. Maar omdat de werkelijkheid jouw plan net heeft afgekeurd.

Dat half uur is de reden dat ik dit stuk schrijf.

Want dat moment, waarop de werkelijkheid je ontwerp corrigeert, is precies het moment dat technisch leiders steeds minder meemaken naarmate ze verder van de uitvoering af komen te staan.

En volgens mij leren we juist daar het meest.

Elke techniek stelt uiteindelijk dezelfde vragen

In de afgelopen twintig jaar heb ik software gebouwd, netwerken ingericht, IoT-opstellingen gemaakt, servers opgebouwd, gebouwen verbouwd en nu dus een airco opgehangen.

Dat lijken totaal verschillende werelden. Dat zijn ze ook. En toch stel ik uiteindelijk steeds dezelfde vragen.

  • Hoe werkt het?
  • Waar zitten de afhankelijkheden?
  • Wat gebeurt er als dit uitvalt?
  • Hoe onderhoud ik dit over vijf jaar?
  • En hoe weet ik eigenlijk zeker dat het doet wat ik denk dat het doet?

Die vragen veranderen nooit. Alleen de techniek verandert.

Een microservice is afhankelijk van DNS, certificaten, databases en identity providers. Een airco van stroom, koudemiddelleidingen, een condensafvoer en een buitendeel dat zijn warmte kwijt moet.

Heel eerlijk? Dat interesseert mij eigenlijk niet zo veel.

Ik wil begrijpen waar het systeem gevoelig voor is. Dat is uiteindelijk veel belangrijker dan alle technische details uit mijn hoofd kennen.

De condensafvoer is gewoon de schijf die ooit volloopt. Een filter waar je niet meer bij kunt is dezelfde ontwerpblunder als software die alleen nog met een weekend onderhoud geüpdatet kan worden.

Dat is geen leuke vergelijking voor een blog. Zo kijk ik echt naar techniek.

En misschien is dat ook wel de reden dat ik relatief snel productief ben in domeinen waar ik gisteren nog niets vanaf wist.

Bouwen verandert hoe je ontwerpt

Er is nogal een verschil tussen zeggen dat onderhoud belangrijk is en zelf op een ladder staan terwijl je ontdekt dat iemand een filter heeft ontworpen waar je alleen bij kunt als eerst het halve plafond eruit moet.

Vanaf dat moment kijk je anders naar ontwerpen. Niet omdat je slimmer bent geworden. Maar omdat de werkelijkheid zich nergens iets van aantrekt.

Dat zie je ook in software. Architectuurdiagrammen zijn prachtige documenten. Tot je in productie kijkt. Dan blijkt er ineens een koppeling te bestaan waar niemand eigenaar van is. Een tijdelijke oplossing draait al zes jaar. Een certificaat verloopt ieder jaar om twee uur ’s nachts omdat ooit iemand dat een goed idee vond. En de documentatie? Die beschrijft meestal het systeem zoals iemand hoopte dat het eruit zou zien. Niet zoals het vandaag draait. Wie zelf blijft bouwen, gaat vanzelf anders ontwerpen. Niet mooier. Wel praktischer. Je denkt automatisch aan degene die over vijf jaar met een schroevendraaier, een laptop of een multimeter naast jouw ontwerp staat. En dat vind ik eigenlijk een veel betere test dan welke architectuurreview dan ook.

Breed zijn is ook een specialisatie

Ik ben geen airco-specialist. Dat word ik waarschijnlijk ook niet. Dus als je er eentje wilt laten installeren: mij niet bellen. 😉

Maar ik hoef ook geen specialist te zijn. Ik hoef alleen snel genoeg te begrijpen hoe dit systeem werkt. En vooral waar het mis kan gaan.Dat is volgens mij een onderschatte vaardigheid.

Goede engineers weten veel. Goede technisch leiders weten vooral hoe ze onbekende systemen moeten leren begrijpen. Ik heb lang gedacht dat mijn brede achtergrond een nadeel was. Software, netwerken, elektronica, onderwijs, gebouwen, IoT.

In elk vakgebied was ik net niet specialist genoeg. Tegenwoordig denk ik precies het tegenovergestelde. Breed zijn is mijn specialisatie.

Niet omdat ik overal expert in ben. Maar omdat ik meestal vrij snel zie hoe de verschillende onderdelen samen één systeem vormen. En eerlijk gezegd vind ik juist dat soort puzzels leuk.

Maar hier zit ook een valkuil

Zelf blijven bouwen is geen excuus om je team voor de voeten te lopen. Dat zie ik ook gebeuren. Dan gaat een technisch leider zelf de leukste problemen oplossen. Of zich bemoeien met details waar het team prima uit was gekomen.

Dat is niet de bedoeling.

Ik bouw niet om overal gelijk in te krijgen. Ik bouw om mijn eigen aannames af en toe onderuit te zien gaan. Dat houdt me scherp.

Daarom programmeer ik nog steeds. Daarom bouw ik IoT-opstellingen. Daarom zet ik nog steeds servers op. En daarom hang ik blijkbaar ook airco’s op.

Niet omdat ik alles zelf wil doen. Maar omdat iedere keer dat ik iets zelf bouw, ik weer ontdek dat de werkelijkheid nét iets slimmer is dan mijn ontwerp.

Tot slot

De airco hangt inmiddels. Niet helemaal zoals ik hem had bedacht. Gelukkig maar. Want juist die afwijkingen hebben mij meer geleerd dan de hele handleiding.

Ik denk dat technische leiders moeten blijven bouwen. Niet omdat ze alles zelf moeten doen. Maar omdat de afstand tussen een ontwerp en de werkelijkheid langzaam groter wordt zodra je zelf nooit meer iets maakt.

En uiteindelijk is de werkelijkheid de enige reviewer die je ontwerp niet spaart.

Zoeken